Op levenswandeling met 8 fantastische dames


Het spel “Levenswandeling” is een spel dat we verleden zomer verdeelden in de regio. Ook Vormingplus kreeg een exemplaar. Collega Carine ging ermee op pad en maakte een schitterend verslag van haar belevenissen. Lees hier wat het spel naar boven bracht in WZC De Notelaar in Beveren en maak je klaar voor enkele mooie, ontroerende en sappige passages.

Om het spel goed in te zetten, de eerste indiscrete vraag: ‘Waar bewaarden je ouders vroeger hun geld?

De antwoorden kwamen verrassend vlot. Bij Aline thuis hadden ze een echte coffre-fort. Soms wel een beetje lastig als je de code niet goed meer wist. Dan was het geld van Marie’ s ouders stukken veiliger, want het stond op de bank. De vader van Diane bewaarde het liever zelf. Op zijn duivenkot. Haar moeder dacht dat ze precies wist waar. Helaas, telkens als ze het ging zoeken, pikte een welbepaalde duif in haar vingers. Een andere favoriet was onder een steen in de kelder. Klokken bleken ook ideaal om geld of juwelen te bewaren. Net zoals een vleugelpiano. Toevallig geen vleugelpiano in huis? Geen nood, ergotherapeute Joke vertelde dat de politie ooit de tip gaf om het in een kookpot te verstoppen.

De financiën werden verder uitgevlooid met de vraag of ze als kind zakgeld kregen. Zakgeld is een woord dat vroeger niet bestond. Je kreeg een ‘zondag’ of ‘pree’. Soms ook enkel als het kermis in het dorp was. Christine vertelde dat zij haar kermisgeld steevast opdeed aan snoep, haar broer gaf niets uit, hij spaarde alles. Wat snoep betreft vertelde Aline over ‘vette varkens’, een soort babbelut. Isabelle at vroeger graag lekstokken waar je héél soms een muntstuk van 1 frank in vond. De ondertussen 95-jarige en pientere Marie kreeg als kind 1 frank. Daar kocht ze een patéeke mee, dat kostte toen 90 cent.

‘Ben je vaak verhuisd?’ was de volgende nieuwsgierige vraag.

Diane’s broer was gene ‘mutten’ en werd zelfs officier bij de politie. Anders dan de meeste mensen, verhuisde hij blijkbaar graag, want hij deed het redelijk dikwijls.
Martine’s roots lagen in Limburg. Als kind verhuisde het gezin naar Antwerpen. Als volwassene woonde ze o.a. in Hoboken, Brasschaat, Antwerpen. En ook in Beveren natuurlijk. Opa Limburg een bezoekje brengen was een serieuze onderneming. En een behoorlijke tijdsinvestering.
Op de vraag of je moeder thuis bevallen was of in het ziekenhuis, wisten weinigen een antwoord. Alleen Aline vertelde dat haar moeder bevallen was op de keukentafel. Hopelijk was dat bij haar thuis. Enkele dames waren afkomstig of woonden in Melsele en herinnerden zich Célineke bijzonder goed. Céline was de plaatselijke vroedvrouw en heeft veel Melseelse kindjes helpen geboren worden. Ze was dan ook ontelbare keren meter of ‘pitje’.

Ik kwam ook te weten dat het de gewoonte was om met Pasen eerst naar de hoogmis te gaan en daarna naar huis om eieren te rapen. Naast chocolade eieren bleken er ook gewone kippeneieren te vinden. Fun fact: de schoonbroer van Sabine speelde met gemak 15 gekookte eieren binnen.
Herinneringen aan vervolgen kersttijden waar hele families samenkwamen. 20 of 30 invités, het was bepaald geen uitzondering. De nodige stoelen werden van bij buren aangesleept en slaapplaatsen geïmproviseerd. Sabine kent er alles van. Zij sliep meer dan eens op een ‘peuzel’ (een langwerpig kussen) in de kleerkast.

En elke zondag naar de kerk. In je zondagse kleren. Lange mouwen en hoofdbedekking noodzakelijk.

Een baret, een hoed of een sjaaltje; dat mocht je zelf kiezen. In Beveren keek de deken er bijzonder streng op toe. Als je in ‘ondertrouw’ ging, moest je te biechten gaan. Onherroepelijk werd gevraagd of je vuile manieren gedaan had. Het was Martine’s ooit overkomen dat de biechtvader haar achternaliep uit de kerk en haar vroeg of ze wel eerlijk geantwoord had op de vuile-manieren-vraag. Martine’s getuigde ook dat er eens veel appelen en peren op de grond lagen in een boomgaard. De deken verbood hen deze op te rapen omdat het zondag was.
Waarom kozen je ouders jouw naam? Sabine en Machteld werden – al dan niet onder lichte dwang – vernoemd naar hun respectievelijke meters. Christine’ s moeder had een zus Christine die jong gestorven was. Alle broers en zussen gaven dan ook hun eerste dochter de naam Christine. Christine had dus nogal wat nichtjes met de naam Christine.
Christine was de enige van de groep die gestudeerd had tot haar 21. Christine’s vader was een boer die zelf niet de kans gekregen had om te studeren. Omdat ‘een riek zwaarder weegt dan een pen’, had hij er veel voor over om zijn 2 enige kinderen verder te laten studeren.

Goed dat ik pas in 1963 geboren ben, want de dessertenkeuze was vroeger nogal beperkt.

Veel meer dan kriekjes, rijstpap en uitzonderlijk eens pannenkoeken of wafels was er precies niet. Al waren er ook wel regelmatig puddingkjes. Diane moet een enorme deugniet geweest zijn. Als de rijstpap of vanillepudding stond af te koelen onder de kleerkast zaten er meer dan eens vingerputjes in. Wie zou dat geweest zijn?

Dezelfde dame vertelde ook met fonkelende oogjes dat ze nooit een rijbewijs bezeten had, maar toch heel veel met de auto gereden had.

Terugkerend naar de desserten van vlak na de oorlog bleek ‘pielekenspap’ ook regelmatig op tafel te komen. Mij compleet onbekend. Het moet een soort doorschijnende soort blubberpudding geweest zijn. Iets met veel gelatine, waarschijnlijk noemen we een dergelijke substantie nu ‘Jelly’. Maar de man van Sabine was categoriek: Als mijn moeder nog eens afkomt met haar pielekenspap, gooi ik haar er achter aan.

Er kwam een abrupt einde aan het spel, de tafel diende ontruimd te worden voor het avondeten.

Dit spel smaakt naar meer.

Met deze conclusie zijn we natuurlijk heel blij. Dankjewel aan Carine van Vormingplus voor het verslag! Samen bedanken we ook graag de kranige medespeelsters. Hun namen werden om privacyredenen veranderd door fictieve namen. Daarnaast danken we ook nog eens onze collega’s van Erfgoedcel Pajottenland en Zennevalei voor de ontwikkeling van het spel.

Het spel werd trouwens gespeeld na veel afzeggingen, verplaatsingen e.d. door corona. Hopelijk kan het in de toekomst gespeeld worden in meer gemoedelijke omstandigheden!

Delen via:

Gerelateerde berichten